Borstcompressie: bij borstvoeding en tijdens kolven
Borstcompressie is een techniek waarbij je met je hand rustige, stevige druk geeft op de borst. Daarmee kun je de melkstroom ondersteunen als je baby minder actief drinkt of als de melk tijdens het kolven langzamer gaat stromen.
Vroeger werd borstcompressie vooral uitgelegd bij een baby aan de borst maar ook tijdens kolven is borstcompressie heel effectief. Borstcompressie kan helpen om de borst beter leeg te maken en de melkstroom langer op gang te houden.
Borstcompressie Stap voor Stap
Als de borst vol is, staat er meer druk op het melkklierweefsel. De melk stroomt dan vaak sneller. Naarmate de borst leger wordt, neemt die druk af en wordt de melkstroom meestal trager.
Door borstcompressie toe te passen, geef je van buitenaf extra druk op het borstklierweefsel. Daardoor kan melk die nog in de borst zit makkelijker richting de tepel stromen.
Borstcompressie kan handig zijn als de melkstroom afneemt, als je toeschietreflex minder goed op gang komt of als je de borst beter wilt leegmaken.
Een studie naar gelijktijdige borstmassage en kolven liet zien dat moeders meer melk konden kolven wanneer zij borstmassage toepasten tijdens het kolven dan wanneer zij zonder massage kolfden. In deze studie werd een hogere melkopbrengst van 40 tot 50 procent gezien.
Bron: A randomized controlled trial to compare methods of milk expression after preterm delivery – E. Jones, P. Dimmock en S. Spencer.
Wanneer kun je borstcompressie gebruiken?
Borstcompressie kan helpen bij een langzame melkstroom, een minder duidelijke toeschietreflex of een baby die niet actief blijft drinken. Ook tijdens het kolven kan borstcompressie nuttig zijn als de melk snel stopt met stromen of wanneer je de borst beter wilt leegmaken.
Hoe leger de borst raakt, hoe sterker het signaal aan je lichaam is om opnieuw melk aan te maken. Daarom kan borstcompressie tijdens het voeden of kolven helpen om de melkproductie te ondersteunen.
Borstcompressie tijdens het kolven
Tijdens het kolven zie je vaak dat de melk eerst sneller stroomt en daarna langzamer wordt. Dat is normaal. De eerste toeschietreflex is dan meestal geweest en de borst wordt minder vol.
Juist op het moment dat de melkstroom trager wordt, kan borstcompressie helpen. Je geeft dan lichte extra druk op het borstklierweefsel, zodat de melk makkelijker richting de tepel kan stromen.
Zo pas je borstcompressie toe tijdens het kolven
1. Plaats het borstschild goed op de borst
Zorg dat je tepel mooi in het midden van de tunnel zit en vrij kan bewegen. Het borstschild mag niet knellen, maar ook niet te ruim zijn.
Een verkeerde maat kan ervoor zorgen dat kolven minder goed lukt, ook als je borstcompressie toepast.
2. Start met kolven zoals je gewend bent
Begin met kolven op de manier die voor jou prettig werkt. Wacht tot de melk begint te stromen. Bij veel moeders zie je eerst druppels en daarna een duidelijkere melkstroom.
3. Let op het moment waarop de melkstroom trager wordt
Als de melk minder snel stroomt of bijna stopt, kun je borstcompressie gebruiken. Dat is vaak het moment waarop er nog wel melk in de borst zit, maar de druk in de borst lager wordt.
4. Omvat de borst met je hand
Plaats je duim aan de ene kant van de borst en je vingers aan de andere kant. Dit kan in een C-greep of U-greep. Kies wat voor jou prettig voelt en goed past bij de plek waar het borstschild zit.
Geef geen druk direct op de tepelhof of tegen het borstschild aan. Dan kan de vorm van de tepel in de tunnel veranderen of kan het vacuüm wegvallen.
5. Geef rustige, stevige druk
Druk de borst voorzichtig maar duidelijk in. Houd de druk een paar tellen vast en kijk of de melkstroom weer op gang komt.
Vaak zie je dat de melk opnieuw gaat druppelen of stromen. Soms gebeurt dat juist op het moment dat je de druk weer loslaat.
6. Verplaats je hand
Als er geen melk meer komt, draai je je hand iets of kies je een ander deel van de borst. Zo kun je verschillende delen van het borstklierweefsel ondersteunen.
7. Stop als er geen reactie meer komt
Blijft de melkstroom weg, ook na het wisselen van plek en na een nieuwe stimulatiefase? Dan is de borst op dat moment waarschijnlijk voldoende geleegd.
Hoeveel druk geef je bij borstcompressie?
Borstcompressie betekent niet dat je hard in de borst moet knijpen. Je geeft rustige, stevige druk op het borstklierweefsel, zonder dat het pijn doet.
Druk diep genoeg om de melkklieren iets samen te drukken, maar niet zo hard dat je pijn voelt of dat het borstschild verschuift. Tijdens het kolven mag de tepel vrij in de tunnel blijven bewegen. Bij een baby aan de borst mag de druk er niet voor zorgen dat je baby het vacuüm verliest.
Je hoeft de borst ook niet leeg te duwen. Het doel is om de melkstroom te ondersteunen op het moment dat deze langzamer wordt.
Vaak zie je na een paar tellen dat de melk weer gaat druppelen of stromen. Soms gebeurt dat juist wanneer je de druk weer loslaat.
Voelt het pijnlijk, scherp of beurs? Gebruik dan minder druk, verplaats je hand of stop even. Borstcompressie moet ondersteunend voelen, niet forcerend.
Borstcompressie bij een baby aan de borst
Borstcompressie kun je ook gebruiken tijdens het voeden aan de borst. Dit kan helpen als je baby aan de borst ligt, maar minder actief drinkt, vooral alleen sabbelt of in slaap dreigt te vallen vanwege de trage melkstroom.
Zo pas je borstcompressie toe bij borstvoeding
1. Kies een houding waarbij je één hand vrij hebt
Neem je baby bijvoorbeeld in de rugbyhouding, doorgeschoven rugbyhouding of voed liggend op je zij. Kies vooral een houding waarin je goed zicht hebt en met één hand bij je borst kunt.
2. Omvat de borst met je hand
Plaats je duim aan de ene kant van de borst en je vingers aan de andere kant. Dit kan in een C-greep of U-greep.
Welke greep prettig is, hangt af van de houding van je baby en de richting van het mondje. Je vormt de borst als het ware voor, zodat je baby makkelijker diep kan aanhappen.
Zet aan de kant van de neus van je baby iets meer druk, zodat de tepel richting het gehemelte wijst.
3. Leg je baby diep aan
Breng je baby naar de borst, niet de borst naar je baby. Het kinnetje komt eerst dicht bij de borst. Daarna volgt de bovenkaak.
Een diepe hap helpt om de tepel ver genoeg in de mond te krijgen. Dit kan bijvoorbeeld met de nipple flip-techniek.
4. Let op actief drinken
In het begin maakt je baby vaak korte, snelle zuigbewegingen om de melk toe te laten schieten. Zodra de melk stroomt, zie je meestal langere, diepere zuigbewegingen.
Let vooral op slikken. Bij actief drinken zie je vaak een open-pauze-sluit-beweging. Tijdens de korte pauze loopt er melk in de mond, waarna je baby slikt.
5. Comprimeer als je baby minder actief drinkt
Als je baby vooral sabbelt of niet meer actief drinkt, geef je voorzichtig maar stevig druk op de borst.
Druk niet vlak bij de tepelhof, omdat dit de vorm van de tepel en tepelhof in de mond kan veranderen. Je baby kan dan het vacuüm verliezen.
Als de melk weer gaat stromen, zie je vaak dat je baby opnieuw actief begint te drinken. Gebeurt er niets? Verplaats je hand dan iets en probeer een ander deel van de borst.
Borstcompressie en kolven met een handsfree kolf
Borstcompressie kan ook tijdens het kolven met een handsfree kolf, maar dat vraagt soms iets meer aandacht. De cup zit in je bh en je hebt minder goed zicht op de tepel, de tunnel en de melkstroom.
Zorg dat de cup goed blijft zitten en dat het vacuüm niet wegvalt wanneer je druk geeft op de borst. Druk niet tegen de cup zelf, maar probeer het borstklierweefsel rondom de cup voorzichtig te ondersteunen.
Bij sommige moeders werkt borstcompressie met een handsfree kolf goed. Bij andere moeders verschuift de cup te snel of valt het vacuüm weg. In dat geval werkt een gewone kolfset met flesjes soms beter, omdat je meer ruimte hebt om de borst goed te ondersteunen.
Wanneer werkt borstcompressie minder goed?
Borstcompressie kan helpen, maar lost niet alles op. Als kolven weinig oplevert, kan er ook iets anders spelen. Denk aan een borstschild dat niet goed past, een kolf die niet goed aansluit bij jouw borst, versleten onderdelen of een toeschietreflex die moeilijk op gang komt.
Ook bij pijn, terugkerende verstoppingen of veel vacuümverlies is het verstandig om verder te kijken dan alleen borstcompressie. Dan kan de oorzaak in de pasvorm, techniek of kolf zitten.
Video over borstcompressie
Hieronder vind je een duidelijke Nederlandstalige video van collega Anneke ten Hove over borstcompressie bij borstvoeding.
Contact met Moedermelk Netwerk
Kom je er niet helemaal uit? We denken graag met je mee.
Heb je een vraag over borstvoeding, kolven, donormelk, een borstkolf of losse kolfonderdelen? Neem gerust contact met ons op. We luisteren naar je situatie, denken praktisch met je mee en helpen je op weg naar de juiste informatie, afspraak of oplossing.
Je kunt bij ons terecht voor vragen over:
Borstvoedingsconsult
Loop je vast met borstvoeding, aanleggen, pijnklachten, onrust aan de borst of twijfel over de melkproductie? Dan kijken we graag met je mee. Soms is een korte vraag voldoende. In andere situaties kan een borstvoedingsconsult meer duidelijkheid geven.
Kolfconsult
Kolven hoort comfortabel en effectief te zijn. Toch lukt dat niet altijd vanzelf. Een borstschild kan niet goed passen, de kolf kan niet goed aansluiten of de melkstroom komt lastig op gang. Tijdens een kolfconsult kijken we naar jouw situatie, de pasvorm en welke kolf of onderdelen beter kunnen passen.
Vragen over borstkolven en onderdelen
Heb je een vraag over een borstkolf, borstschild, ventiel, membraan, slang, cup of ander onderdeel? Stuur ons gerust een bericht. We helpen je graag beoordelen welk onderdeel je nodig hebt, of een probleem mogelijk door slijtage, pasvorm of gebruik komt.
Donormelk
Wil je moedermelk doneren of ben je op zoek naar informatie over donormelk? Ook dan kun je contact met ons opnemen. We wijzen je de juiste route en geven aan welke informatie of stappen nodig zijn.
Stuur ons je vraag
Omschrijf kort waar je tegenaan loopt. Vermeld bij vragen over een borstkolf of onderdeel liefst ook het merk, het model en eventueel een foto of filmpje. Dan kunnen we beter met je meekijken.